De aankoop, verkoop en het beheer van provinciale gronden

Een afdeling waar echte vakspecialisten werken

De taak van de provincie is om Zuid-Holland elke dag beter te maken. Dat doen we door zaken op te pakken die te groot zijn voor de 52 gemeenten, maar te klein zijn voor het rijk. Denk dan bijvoorbeeld aan het aanleggen van natuurgebieden, het maken van woningbouwplannen en het aanleggen en onderhouden van provinciale (vaar)wegen. Om dat allemaal waar te maken, moet er eerst grond worden aangekocht, soms ook weer worden verkocht en natuurlijk worden beheerd. Bij de provincie werken op de afdeling Ontwikkeling en Grondzaken zo’n 40 vakspecialisten die zich bezighouden met deze belangrijke taken. In dit interview gaan we in gesprek met managementlid Sjoerd Lubbers, medewerker beheer Jeroen Patijn, senior medewerker grondzaken Maarten van de Streek en adviseur ontwikkeling en grondzaken Renate Blees. Ze vertellen onder andere over hun werk, mooie projecten waar ze aan werken en de opleidingsmogelijkheden die de provincie biedt.

Werken aan thema’s als stikstof, bodemdaling en energietransitie

Bij de afdeling Ontwikkeling en Grondzaken wordt vastgoed aangekocht en beheerd voor onder andere de aanleg en het onderhoud van (vaar)wegen, de groene agenda (bijvoorbeeld de realisatie van natuurgebieden) of provinciale gebiedsontwikkelingen. Daarbij kijken we ook naar de thema’s en opgaven die nu spelen en ook in de toekomst relevant zijn. Denk dan aan stikstof, bodemdaling, de energietransitie en de klimaatagenda. Op basis van het coalitieakkoord 2019-2023 van de provincie is de nota ‘opgavegericht grondbeleid’ opgesteld. Dit grondbeleid is een middel om de provinciale doelen waar te maken en geeft de afdeling ontwikkeling en grondzaken richting. Voor advies over en uitvoering van het grondbeleid, werken we op de afdeling vanuit verschillende kennisteams die allemaal hun eigen specialisme hebben. De kennisteams zijn aan- en verkoop, beheer, advies en planeconomie, geoadvies – waar de kaarten worden gemaakt, en juridische zaken. Daarnaast zijn er nog ondersteunende functies.

Afwisseling in je werk

Sjoerd Lubbers werkt nu 16 jaar bij Ontwikkeling en Grondzaken en is inmiddels doorgegroeid tot MT-lid van deze afdeling. Hij zorgt onder andere voor de dagelijkse aansturing van verschillende teams. “De afdeling is een echte vakafdeling met allemaal vakdeskundigen. Het grootste team binnen onze afdeling is het team aan- en verkoop. De collega’s van dit team werken samen met de afdelingen Dienst Beheer Infrastructuur, Projecten en Programma’s, Mobiliteit en Milieu of Water en Groen. Met deze collega’s hebben ze bijvoorbeeld overleg over de aanleg of verbreding van wegen of een nieuw natuurgebied dat moet worden verworven. Dat leidt ook vaak tot gesprekken met externe partijen die erbij betrokken zijn. Denk aan gemeenten, natuurorganisaties of betrokken grondeigenaren. We gaan dan ook vaak op pad buiten de organisatie. Zo zit je de ene dag op kantoor en de andere dag zit je bijvoorbeeld bij de agrariërs thuis om te vragen of ze een rol willen hebben in ons provinciale beleid. Als we als provincie de grond willen kopen en we komen tot een overeenkomst, dan laten we de grond altijd taxeren door een onafhankelijke taxateur. We bieden per definitie een marktconforme en dus eerlijke prijs voor de grond. De keukentafelgesprekken met agrariërs, afgewisseld met de noodzakelijke veldbezoeken en ten slotte het opstellen van de benodigde overeenkomsten, maken het werk voor het team erg afwisselend.”

Samenwerken met grondeigenaren, natuurorganisaties en gemeenten

Renate Blees is adviseur ontwikkeling en grondzaken. Ze heeft een juridische achtergrond en een breed takenpakket binnen de afdeling. “De projecten waar ik aan werk, verschillen inhoudelijk erg van elkaar. Ik ben verantwoordelijk voor een aantal projecten waar woningbouw op provinciale gronden mogelijk wordt gemaakt, onder andere in Buijtenland van Rhoon, de Bollenstreek en op Goeree-Overflakkee. Daarnaast hou ik mij bezig met de aankoop van gronden voor natuur of infrastructuur. Zo ben ik betrokken bij het plan om de doorstroming op de N214 te verbeteren. Er worden verschillende maatregelen genomen, waaronder het aanpassen van de gelijkvloerse kruising op de N214/N216, waardoor de wachttijden in de spits worden verminderd. Daarvoor zijn we in gesprek met de betrokken gemeente, de bewoners en grondeigenaren. We betrekken hen bij het proces, omdat we graag zo veel mogelijk belangen willen behartigen.”

Natuur- en recreatieontwikkeling in het Buijtenland van Rhoon

Een van de – in het oog springende – projecten waarbij we als provincie samenwerken met veel verschillende partijen is het Buijtenland van Rhoon. Gelijktijdig met de ontwikkeling van de Tweede Maasvlakte – uitbreiding havenontwikkeling bij Rotterdam – is er besloten om natuur- en recreatiemogelijkheden te creëren in de buurt van deze stad. En zo ontstond het Buijtenland van Rhoon. Maarten van de Streek is senior medewerker grondzaken en hij houdt zich onder andere bezig met dit project: “In eerste instantie werd besloten om van de helft van de 600 hectare landbouwgrond een zoetklei-oermoeras te maken. Na protesten zochten de provincie Zuid-Holland en ondernemers naar een combinatie van landbouw, natuur en recreatie. Die zoektocht leidde in 2018 tot het ‘Streefbeeld Buijtenland van Rhoon’, een gezamenlijk product van agrariërs, recreatieondernemers en natuurorganisaties. Om uitvoering te geven aan het streefbeeld is de gebiedscoöperatie Buijtenland van Rhoon opgericht, waarin zowel agrarische ondernemers als natuur- en recreatiepartijen zijn vertegenwoordigd. De provincie heeft een samenwerkingsovereenkomst met de gebiedscoöperatie gesloten waarin afspraken zijn gemaakt over de rolverdeling en samenwerking van partijen. De provincie is verantwoordelijk voor grondzaken en de gebiedscoöperatie voor de (tijdige) realisatie van het Streefbeeld.”

“Op dit moment bevinden zich in het gebied voornamelijk een aantal (kleinere) bedrijven die op gangbare wijze telen. De bedoeling is dat straks de hoogwaardige akkernatuur in het gebied door 3 natuur inclusieve bedrijven met een oppervlakte van ca. 130 hectare grond wordt gerealiseerd. Daarnaast is er ruimte voor fruittelers in het gebied”, vertelt Maarten. “De provincie voert met eigenaren in het gebied het gesprek over aankoop. De inmiddels verworven en vrijgekomen onroerende zaken, waaronder grond, stelt de provincie ter beschikking aan de gebiedscoöperatie.”

Een app om percelen en opstallen in kaart te brengen

Jeroen Patijn werkt als medewerker beheer. Als collega van het team beheer houdt hij zich onder andere bezig met natuurbehoud in de Krimpenerwaard. “In de Krimpenerwaard ligt een 2250 hectare groot natuurgebied. Door de omvang van het gebied zijn er ook veel partijen bij de ontwikkeling betrokken. Zo gaan we geregeld met agrariërs in gesprek. Maar om overzicht te krijgen over het gebied, heb ik geholpen met het ontwikkelen van een app waarmee we kunnen zien waar onze eigendomsgrenzen lopen in het veld. We zien in de app de percelen van de provincie en welke opstallen er allemaal te vinden zijn: bruggen, dammen, duikers. Deze heb ik in kaart gebracht door met de auto op pad te gaan en het land op te lopen. Dat vind ik dus zo mooi: je werkt zowel buiten als binnen in deze functie. Bovendien krijg je ook alle vrijheid om met nieuwe initiatieven te komen, zoals deze app. Bij de provincie gaan ze met de tijd mee, ook op het vlak van digitalisering. Daarbij maken we gebruik van ieders kennis. Jongeren weten vaak veel van digitalisering en techniek, ervaren werknemers weten weer veel van grondontwikkeling en beheer. We maken elkaar sterker en leren van elkaar.”

Een opleidingsbudget voor iedere medewerker

“Diversiteit binnen de provincie vinden we dus belangrijk, omdat iedereen zijn eigen kwaliteiten heeft. Naast diversiteit vinden we persoonlijke ontwikkeling belangrijk. Bij de provincie krijg je de mogelijkheid om opleidingen en cursussen te volgen”, zegt Sjoerd. “We hebben zelfs een fors opleidingsbudget van €5.000 per 5 jaar, per medewerker (lees hier meer over leren en ontwikkelen bij onze provincie). Zo kun je je nog verder ontwikkelen in je vakgebied en wellicht doorstromen binnen de provincie. Want doorstroommogelijkheden zijn er zeker. Dat geldt bijvoorbeeld voor mijzelf, maar we zien ook dat mensen binnen de afdeling doorgroeien of dat mensen onze afdeling verlaten en elders in de provincie gaan werken. Daarnaast zijn er ook een aantal mensen bij ons op de afdeling komen werken die een brede opleiding hebben gedaan, zoals ruimtelijke ordening, planologie of vastgoedmanagement. Zij hebben zich dan later door middel van cursussen en stevige opleidingen verder gespecialiseerd.”

“Persoonlijke ontwikkeling is dus cruciaal, net zoals de sfeer op de afdeling”, zegt Sjoerd. “Voor COVID-19 werden er geregeld borrels of afdelingsuitjes georganiseerd. We merken dat onze collega’s daar nog steeds veel behoefte aan hebben. Nu hebben we elke maandagmiddag rond lunchtijd een digitaal bijpraat moment, waarbij toch minimaal elke week 60% van onze collega’s aanwezig is. We kunnen dan ook niet wachten om elkaar weer in het echt te zien.”